1.   incest zn. 'bloedschande'
categorie:
leenwoord
Vnnl. incest 'bloedschande, geslachtsgemeenschap tussen naaste bloedverwanten' in die committeert dit crisme van incest 'die begaat het misdrijf van incest' [1503-16; WNT Aanv.]; nnl. incest "Ontucht door ouders met aan hun zorg toevertrouwde minderjarige kinderen" [1970; WNT Aanv.].
Ontleend aan Latijn incestum 'bloedschande', de gesubstantiveerde onzijdige vorm van het bn. incestus 'onkuis, onzedelijk', afgeleid met het voorvoegsel in- 2 'niet' van castus 'kuis, zedig', oorspr. 'vroom, religieus'.
Latijn castus is Indo-Europees verwant met Sanskrit śiṣṭá- 'welopgevoed', zie kastijden.
Vroeger had incest een algemenere betekenis. Ook bijv. het met elkaar trouwen van familieleden, bijv. met een oom of nicht, kon zo genoemd worden en was verwerpelijk of zelfs verboden. Tegenwoordig spreekt men alleen van incest bij geslachtsgemeenschap (of zelfs alleen ontuchtige handelingen) met een (minderjarig) familielid of pleegkind.


  naar boven